[nggallery id=7]

De stijl uit de periode tussen het Congres van Wenen (1815) en de Maartrevolutie (1848) bepaalt het beeld van deze zaal. Na de napoleontische oorlogen ontbraken de financiële middelen en grondstoffen voor dure inrichtingen. Hierdoor ontwikkelde zich een eenvoudige en functionele interieurstijl. Inheemse houtsoorten zoals kersenboom en es werden op eenvoudige maar degelijke wijze verwerkt. De voorliefde voor symmetrie is ook in de meubels terug te vinden, o.a. in de verplichte vitrinekast met glas en porselein en de zitgroep bestaand uit sofa, tafel en stoel.

De naam biedermeier ontstond als parodie in het humoristisch, satirisch blad „Fliegende Blätter“, waarin onder de kop „Biedermann en Bummelmeier“ de spot met de slome bourgeoisie werd gedreven. De nadruk die op het op huishoudelijk werk werd gelegd, te zien aan het naaitafeltje en een kussen met borduurwerk en parels op de bank, reflecteert hoe men zich in de privésfeer teruggetrok.